Burgerschap
De
identiteitsbegeleiders van SOL begeleiden regelmatig scholen die vragen hebben
bij het thema 'waarden en normen'. Scholen hebben vragen als: Welke waarden en
normen vinden wij als team van leerkrachten eigenlijk het belangrijkste in onze
school? Hoe geven we in ons dagelijks werken met kinderen concreet vorm aan deze
waarden en normen? Sluit de omgang met elkaar op school wel aan bij deze
waarden? Welke waarden en normen vinden ouders het belangrijkste? Hoe
organiseren we een constructief gesprek met ouders over waarden en normen? Bij
de beantwoording van deze vragen hebben identiteitsbegeleiders van SOL onder
andere samen met een team een waardentop-5 gemaakt, projectweken georganiseerd
waarin intensief gewerkt wordt rond één bepaalde waarde en ouderavonden
geleid.
Wanneer
uw school in de lessen meer werk wil maken van 'waarden en normen' dan kan uw
identiteitsbegeleider u laten kennismaken met de nieuwe methode ‘Kinderen en
hun morele talenten’. Deze
methode is een manier om binnen de school structureel aandacht aan waarden en
normen te besteden. De methode besteedt naast waarden en normen ook aandacht aan
burgerschap. Als je over goed burgerschap beschikt, dien je niet alleen je eigen
belang en waarden, maar ook een algemener belang en algemene waarden.
Burgerschap is eigenlijk sociaal competent gedrag in de samenleving op basis van
algemeen geaccepteerde waarden en normen.
De waarden die aan bod komen zijn gegroepeerd in een hanteerbaar schema van acht waarden. In elke groep wordt er aandacht besteed aan de kernwaarden en de morele waarden. De burgerschapswaarden komen alleen in groep 7 en 8 aan bod.
Kernwaarden
1) Weldadigheid
Dingen doen die goed zijn voor andere mensen of dieren. (hulpvaardigheid, onbaatzuchtigheid, zorgzaamheid voor de omgeving, verdraagzaamheid)
2) Rechtvaardigheid
Dingen gebeuren eerlijk, op de juiste manier. (gelijkheid, onpartijdigheid, eerbied voor eigendom)
3) Betrouwbaarheid
Te vertrouwen zijn. Men kan op je rekenen. (oprechtheid, geloofwaardigheid, integriteit, trouw, waarheidsgetrouwheid)
Morele waarden
4) Zelfbeheersing
Controle hebben over je eigen gedrag, hoe je je ook voelt. (standvastigheid, geduld, doorzettingsvermogen, moed, respect voor jezelf)
5) Fatsoen
In je gedrag en de manier waarop je praat rekening houden met anderen, om zo de omgang met elkaar te vereenvoudigen en botsingen te voorkomen. (beleefdheid, goedgemanierdheid)
Burgerschapswaarden
6) Vrijheid
Niet gevangen zijn of in iemands macht zijn. Mogen denken, schrijven en zeggen wat je wilt.
7) Tolerantie
Accepteren dat de opvattingen van een ander anders kunnen zijn dan die van jou, ondanks het feit dat je die ander niet begrijpt.
8) Solidariteit
Laten zien dat je je met anderen verbonden voelt en bereid zijn de gevolgen daarvan te dragen.
Meer . . .
Wilt aan de slag rond waarden en normen of meer informatie over bovengenoemd materiaal, neem dan contact op met uw identiteitsbegeleider.